|
Zaterdag - 01/08/2009
Door het late programma van de
vrijdagavond hebben we de opener Einherjer helaas
moeten missen. De eerste band die we dan, met een grote
kop koffie in de hand, aan het werk zien is het Duitse
Rage die vandaag op het True Metal stage mogen
openen. Op zich wel vreemd want de band stond enkele
jaren geleden een stuk hoger op de bill maar dat was dan
wel met het Lingua Mortis Orchestra. De band wordt
echter nog op handen gedragen door een groot aantal
trouwe fans, het is dan ook niet zo verwonderlijk dat de
festivalwei voor het True Metal stage compleet vol
staat. Rage opent hun set met “Carved
In Stone” en “Higher Than The Sky”.
Tijdens de volgende songs “Set The World
On Fire”, “All I Want” en “Invisible Horizons” wordt de
band bijgestaan door een kortgeknipte Hansi Kürsch van
de band Blind Guardian die een deel van de vocalen voor
zijn rekening neemt, dit tot groot genoegen van het
publiek. De band had vandaag echter nog een aantal
verassing in petto, zo was het zangeres Jen Majura die
een bijdrage leverde tijdens “Lord Of The Flies” en de
kraker “From The Cradle To The Grave”. Hierop wordt
Schmier (Destruction) het podium opgehaald om het uit
1985 stammende Avenger (de voorloper van Rage) nummer
“Prayers Of Steel” ten gehore te brengen. Het is
vervolgens ook Schmier die een gedeelte van de
zangpartijen van de nummers “Suicide” en “Down” voor
zijn rekening neemt. Het publiek vind het allemaal
prachtig en zingt de songs uit volle borst mee. De band
is vandaag dan ook in prima doen en met name frontman
Peavy geniet zichtbaar van alle aandacht. Met het spel
en het geluid van de band zit het overigens wel goed en
met deze show heeft Rage hier al vroeg op de dag voor
een aangename verassing gezorgd. Tegen het einde van de
set was het dan nog Subway to Sally zanger Eric Fish die
samen met de band de actuele single “Gib Dich Nie Auf”
ten gehore bracht. Het optreden wordt vervolgens
afgesloten met een uitstekende versie van het nummer “Soundchaser”.

Hierna begeven we ons snel naar het Black
Metal Stage waar de Engelse doomsters van Cathedral
binnen enkele ogenblikken hun set zullen aftrappen.
Cathedral opent hun set met de songs “North Berwick
Witch Trials” en het groovende “Soul Sacrifice“. De set
bevat verder nummers als “Cosmic Funeral”, “Corpse Cycle”,
”Ride” en wordt afgesloten met “Hopkins (Witchfinder
General)”, Wat betreft het show element van de band, dit
is alles behalve noemenswaardig. De band beweegt
nauwelijks en ook de aankondigingen van zanger Lee
Dorrian zijn niet echt geweldig. Het is natuurlijk wel
de muziek waar het allemaal om draait, maar we willen
toch wel wat meer actie en spanning zien want anders kan
ik thuis net zo goed een cd opzetten.
Testament
wat moet je daar nog over zeggen? Na een gewonnen
gevecht tegen kanker struinen Chuck Billy en company de
podia af alsof er niets gebeurd is om hun ouderwetse
lekkere old school thrash te spelen daar waar er vraag
naar is. Ook is Alex Skolnick vandaag van de partij en
hoewel hij er gelukkig vaak bij is, weet je het nooit
helemaal zeker. Alex is een metal- en een jazzman en
zodoende gaat de ene keer de metal voor de jazz en
omgekeerd. Feit blijft dat hoe goed ook een gitarist kan
zijn, er weinige zijn die kunnen wat hij kan. Bepaalde
solo’s klinken zo lekker door zijn manier van spelen.
Maar goed, genoeg veren voor Alex. De set bestaat louter
uit toppers, een kleine greep uit de lijst: “The
Preacher”, “Over The Wall”, “Practice What You Preach”,
“Into The Pit”, “Disciples Of The Watch” enz. Testament
doet waar het goed is: ongecompliceerde thrashriffs op
het publiek afvuren doorspekt van prachtige gitaarsolo’s
(oké toch nog een veer). Zoals wel vaker geeft Chuck
vanaf het begin alles en tegen het einde is zijn gewone
stem wat meer zoek maar dat is niets nieuws. Wat de man
mist qua stem compenseert hij met zijn airguitar solo’s
gespeeld op zijn verkorte microfoonstandaard. Deze doet
ook goed dienst als circle-pit aangever. Het publiek
krijgt waar het voor gekomen is en leeft zich uit
tijdens dit glorieuze thrash uurtje.

Aangezien de bands op het Black Stage en
de Party Stage tegelijkertijd spelen is het vaak
moeilijk kiezen, daarom besluiten we om het eerste deel
van Borknagar op het Partystage te aanschouwen.
De Noorse progressieve blackmetal band wist mij met hun
studio albums al behoorlijk te overtuigen maar live had
ik de band nog nooit mogen aanschouwen. Na een kleine
vertraging van zo’n 15 minuten staat de band
uiteindelijk toch op het podium en wordt er afgetrapt
met “Oceans Rise” en “Future Reminiscence”. Omdat het
alweer een behoorlijke tijd geleden is dat Borknagar op
het podium stond en de band de laatste jaren enkele
line-up wisselingen heeft ondergaan wordt de set wat
onwennig vervolgd met “The Genuine Pulse” en “Colossus“.
Afgelopen voorjaar wist de band de laatste hand te
leggen aan het begin 2010 te verschijnen ‘Universal’
maar omdat niemand dit album nog gehoord heeft kiest de
band voor de veilige weg en zo worden we nog vermaakt
met een nummer als “The Dawn Of The End“. Echter door
het wat mindere geluid en de volle zon waarin de band
staat te spelen wil de vonk naar het publiek niet echt
overslaan. Misschien komt het ook wel dat de muziek van
Borknagar niet makkelijk verteerbaar is, of omdat het
publiek na drie dagen, bier, metal, modder, muziek en
weinig slaap inmiddels moegestreden is. Wij begeven ons
dan ook halverwege de set naar het Black stage om daar
nog een stukje van Heaven Shall Burn mee te pakken.

Op weg naar het Black stage merken we al
snel dat het publiek bij Heaven Shall Burn
massaal aanwezig is want er is een gegeven moment geen
doorkomen meer aan. We hebben de band dan ook op een
afstandje bekeken waarbij we nummers als “The Weapon
They Fear”, “Murderers Of The Murderer” en de Edge of
Sanity cover “Black Tears” voorbij horen komen. De band
weet met hun strakke metalcore het publiek met gemak
voor zich te winnen en Heaven Shall Burn kan zich dan
ook met gemak de grootste metalcore band van Duistland
noemen. Het energieke optreden van de Duisters wordt
vervolgens afgesloten met “To Inherit The Guilt“ waarbij
er nog eenmaal voor een grote chaos voor het podium
wordt gezorgd.

Na al dit geweld besluiten we onze rust
te nemen en struinen we wat over het terrein en belanden
we uiteindelijk in de backstage bar. Het eerste deel van
de show van Axel Rudi Pell hebben we dan ook
helaas moeten missen. Op het moment dat we bij het
podium aanbeland zijn is de band net met een medley van
de nummers “Tales Of The Crown” en de klassieker
“Casbah” bezig waarop drummer Mike Terrana zijn drum
solo inzet. Natuurlijk is de heer Terrana een prima
drummer, maar om tijdnes een festival optreden van
slecht een uur een drumsolo van zo’n tien minuten in te
passen gaat mij een beetje te ver. Gitaar wizard Axel
Rudi Pell maakt vervolgens zijn reputatie meer dan waar
met uitstekend gitaarwerk tijdens het volgende “Rock The
Nation”. Verder is het de sympathieke zanger Johnny
Gioeli die opvalt, hij rent en springt over het podium
en zingt ondertussen ook nog eens geweldig. Het optreden
wordt na een degelijke versie van “Mystica” afgesloten
met een medley van de nummer “Fool Fool” en “Eternal
Prisoner”. Al met al wist Axel Rudi Pell samen met zijn
band hier vandaag zonder echte hoogtepunten toch een
degelijk optreden neer te zetten.
De enige band die we dit weekend in de
tent van het Wet Stage aan het werk zien is eigenlijk
het Amerikaanse doomgezelschap Trouble. De
grondleggers van de hedendaagse doom scene gaan al heel
wat jaartjes mee en kenden de afgelopen jaren een aantal
line-up wisselingen. Zo kregen we in 2008 te horen dat
zanger Eric Wagner de band had verlaten. Mede oprichters
van de band, Bruce Franklin (gitaar) en Rick Wartell
(gitaar) loeten het hierbij niet zitten en hebben in
Kory Clarke (Warrior Soul) een nieuwe zanger gevonden.
De band trapt vandaag af met “Ride The Sky” dat gevolgd
wordt door “The Sleeper”. Al snel komt het heerlijke
gevoel terug dat ik jaren geleden al had als ik een cd
opzette van deze band.
Trouble gaat
verder met “The
Eye”, “Assassin” en “Touch The Sky”.
De heerlijke slepende muziek van de
mannen weet de aandacht van het aanwezige publiek goed
vast te houden. De songs “Trouble Maker”, “Hunters Of
Doom” en het mooie “End Of My Daze” komen voorbij en ik
waan me in de jaren tachtig. De mannen sluiten hun show
af met de klassieker “The Tempter” en “All Is Forgiven”.
Wat mij betreft was dit optreden gewoon te kort en
hadden ze nog wel even door mogen spelen. Ik moet dan
ook toegeven dat de band in zanger Kory Clarke een zeer
degelijke vervanger van de heer Wagner heeft gevonden
waardoor de band bijna als vanouds klinkt, klasse.

De band In Extremo heeft ook een
hele grote schare fans in Europa en dan met name in
thuisland Duitsland. Dat blijkt ook wel als ruim voor
aanvang van de show het veld compleet afgeladen is.
Persoonlijk ben ik geen fan van de band, maar om toch
een goede indruk te krijgen begeef ik me toch maar
richting podium. De eerste songs die ik meen te
herkennen zijn “Sieben Köche”, “Frei Zu Sein” en “Vollmond”.
Hoewel hele volksstammen de folkmetal van In Extremo te
gek vinden, krijg ik de zware kost maar niet weg. De
middeleeuwse instrumenten die de band bespeelt zijn
veelal zelf gemaakt ik geef toch de voorkeur aan harde
gitaarriffs, verder worden de nummers vooral in het
oud-Duits gezongen en dat is iets dat mij ook niet
helmaal ligt. De nummers “Sängerkrieg”, ”Poc Vecem” en
“Ave Maria” volgen en al het publiek blijft trouw staan
en er wordt hard meegezongen. De show is wel mooi hoor
en de band weet een degelijke podium presentatie neer te
zetten, eerlijk is eerlijk. De heren doen hun best en
geven het publiek duidelijk meer dan voldoende. Hierop
besluiten we om de band te laten voor wat het is omdat
de muziek van In Extremo ons te onbekend is. Hierdoor
hebben we nog wat tijd over om een vette hap te halen en
wat te drinken naar binnen te werken voordat de volgende
band begint.

Ik weet nog dat ik de eerste keer de naam
Volbeat zag staan en ik dacht wat is dat nou voor
naam en wat voor muziek maken deze gasten dan? Inmiddels
is dit Deense collectief een veel gezien gast op menig
festival. Hun eigenzinnige no-nonsense muziek en dito
houding zullen daar zeker aan mee hebben geholpen. Een
uurtje op het hoofdpodium is hun deel. De inmiddels
bekende tonen van “Guitar Gangsters & Cadillac Blood”
openen de set. Wederom valt het bizarre geluid van deze
band op. Het tegen country aanleunende “Sad Man’s Tongue”
met een Elvis-achtige manier van zingen zorgt voor een
mooi feestje op het veld. Dat is eigenlijk ook de beste
manier om deze band te omschrijven: een band voor een
leuk uur feesten. Voeg een Misfits cover “Angelfuck” en
een Dusty Springfield cover “I Only Wanna Be With You”:
een song die in de jaren ’80 door een rondborstige dame
Samantha Fox wederom de hitlijsten in werd gezongen, aan
toe en niemand die je nog iets kan maken. De band is
inmiddels op het niveau waarop ze alle regie in handen
kunnen houden en zo maken ze van dit optreden ook weer
een geslaagd feestje waarbij het aantal lachende
gezichten op het veld na afloop alles zegt. Op naar de
volgende keer.

Voordat de band het podium betreedt, hoop
ik één ding: dat ze een beter geluid hebben dan die keer
dat ik ze zag als voorprogramma van een grote metalband
die niet zo lang geleden nog een dood magnetisch plaatje
op de markt brachten. Ik heb het natuurlijk over
Machine Head. De eerste klanken klinken niet
veelbelovend want het is vooral erg hard. Het blijkt een
klein euvel te zijn waar we verder geen last meer van
zullen hebben. Ik was erg benieuwd hoe deze band het zou
doen op dit festival daar deze band toch wel een vreemde
eend in de bijt is tussen vele andere bands op het
hoofdpodium. Mijn veronderstelling blijkt echter totaal
niet te kloppen want ze worden met open armen ontvangen
tijdens “Imperium”. Robb en het publiek hebben er zin in
en dat is een win-win combinatie. Tijdens het optreden
van Machine Head vormt zich de grootste circle-pit die
ik ooit op een festival heb mogen aanschouwen. Aan de
ogen van Flynn te zien, is hij dit ook niet gewend en de
man heeft pretoogjes die hij waarschijnlijk nu nog
krijgt als hij er aan terugdenkt. Wat een bizar
schouwspel is dit! Natuurlijk wordt er ook muziek
gemaakt en draagt Robb een nummer op aan Chuck van
Testament. Hoewel die waarschijnlijk al weer op reis
zijn, denk ik dat het hem goed zal doen indien hij dit
hoort. De band laat zich van haar goede kant horen en de
mindere periode wordt totaal overgeslagen. “Ten Ton
Hammer”, “Old”, “Bulldozer” en niet te vergeten
“Davidian” spelen verder een hoofdrol. De echte hoofdrol
is vanavond echter niet voor de band weggelegd, maar
voor het publiek dat de ene na de andere pit begint.
Tegen het einde van de set ziet Robb graag nog een keer
een dergelijk tafereel en zijn greediness wordt beloond.
Nog een keer verandert het veld in een circle-pittende
massa waarna hij het publiek meerdere keren bedankt voor
hetgeen hij voor zich zag gebeuren. Ik denk dat dit iets
is wat iedereen die aanwezig is nog lang bij zal
blijven. Wat kan metal toch mooi zijn.

Na een gedenkwaardige show van Machine
Head kunnen we ons opmaken voor het Britse Saxon.
De band bestaat inmiddels al ruim dertig jaar en werd
eind jaren zeventig beschouwd als een van de grote namen
uit de New Wave Of British Heavy Metal stroming
(afgekort tot NWOBHM). Zanger Biff en consorten vallen
onder hetzelfde management als die van de Wacken
organisatie en het is dus geen wonder dat de mannen
iedere twee jaar terugkeren op de heilige grond in
Wacken. Voor mij is dit zeker geen straf. Het blijft een
heerlijke band en ondanks de leeftijd rocken deze mannen
er stevig op los. Er wordt afgetrapt met “Battalions Of
Steel” wat direct opgevolgd wordt door “Let Me Feel Your
Power”. De toon is gezet. Het veld staat vol en de
mannen hebben er zichtbaar weer veel zin in. De band
stoomt door met “Lionheart” en het te gekke “Strong Arm
Of The Law” waarbij manager en Wacken organisator
Thomas Jensen het laatste refrein meezingt. Het publiek
staat van voor tot achter op het veld massaal mee te
brullen. De nummers die volgen zijn onder meer “Killing
Ground”, “Metalhead”, het fantastische “Wheels Of Steel
“en “Unleash the Beast”. Het is al snel duidelijk dat
dit een onvergetelijke show zal worden. De mannen beuken
stevig door met “Dogs Of War”, “Rock N' Roll Gypsy” en
“Rock The Nations”. Dan komt er weer een favoriet van me
in de vorm van “Motorcycle Man”. Als de heren “Forever
Free” en “Solid Ball Of Rock” hebben gespeeld, is het
tijd voor het sublieme “Crusader” waarbij de band een
compleet couplet overslaat maar dat mag de pret niet
drukken. De show is indrukwekkend, met enorme vuurzuilen
op het podium en zelf vanaf de geluidstorens is het een
mooi aangezicht om de band in volle glorie te zien. Het
lijkt er vandaag dan ook op dat de band hier een
onvergetelijk show gaat neerzetten, de songkeuze is
overigens prima te noemen want met nummers als “Power
And The Glory”, “Princess Of The Night” en “Heavy Metal
Thunder” kan de avond niet meer kapot. Als we vervolgens
denken dat de show er al opzit, komen de heren nog een
keer terug voor enkele toegiften in de vorm van “Live To
Rock” en “747 (Strangers In The Night)” tot mijn grote
geluk. Dan volgen “Stallions Of The Highway” en de
klassieker “Denim And Leather” als afsluiter. Het is
voorbij, maar we zien de heren hopelijk over twee jaar
weer terug en anders kopen we volgend jaar gewoon de
live DVD van deze onvergetelijke show, klasse!

Eigenlijk heeft Gwar al jaren niet
veel gepresteerd en was de band volgens mij slecht
sporadisch in europa te zien. De monsters moeten het dan
ook doen met hun jaren geleden opgebouwde reputatie. Het
is natuurlijk wel gewoon leuk om een show van ze mee te
maken. Als je niet smerig wil worden, moet je wel erg
ver achteraan gaan staan. De pakken van de monsters zijn
hier en daar vernieuwd en de show met allerlei vieze
vloeistoffen zoals nep bloed, zorgt ervoor dat
letterlijk de spetters ervan afvliegen. Enkele nummers
die ik herken zijn: “Ham On The Bone”, “Crack In The Egg”,
“Salaminizer” en “Go To Hell!”. De fotografen die uit de
foto-pit teruggekomen zijn, hebben de volle laag gehad.
Die hadden het zwaar en moesten hun best doen om de
camera’s droog te houden en ook nog plaatjes te
schieten. Het gevolg was een aantal “bebloede”
fotografen, wat een ervaring.
De monsters beuken door met “Bring
Back The Bomb” en “Let Us Slay”.
De kwaliteit van de band is niet om over
naar huis te schrijven, maar in dit geval gaat het dan
ook vooral om de show erom heen.
Verder krijgen we dan
nog “A Short History of the End of the World” en “The
Private Pain of Bozo Destructo” te horen.
Na een tijdje hebben we het wel gezien en
als we terug lopen voor een drankje horen we op de
achtergrond nog net de laatste tonen van meezinger “Sick
Of You” voorbijkomen. Al met al was de show van Gwar erg
luchtig en lachwekkend, maar zeker niet bijzonder
hoogstaand. Het is inmiddels half twee in de nacht en
omdat we morgen nog een lange terugreis voor de boeg
hebben houden we het na nog een paar drankjes in de
backstage bar voor gezien.

Door de vreselijke tijd van twee uur in
de nacht hebben we afsluiter Subway to Sally
helaas moeten missen. Tja, wij worden ook een
dagje ouder en zijn dus toch lekker naar bed gegaan.
Slapen is ook heel belangrijk als je drie dagen moet
drinken en feesten. Ook vandaag zijn er nog een paar
bands die we door omstandigheden, of omdat we ze deze
zomer al meerdere keren hadden gezien op andere
festivals hebben gemist. Zo moesten we de laatste
festivaldag onder andere Pain, Enslaved en Korpiklaani
op het Party Stage missen. Maar ook de bands Engel,
Turisas en Tracedawn die in de tent op het Wetstage
speelden moesten het ontgelden. Als je alle bands en
podia wilt bespreken moet je wel met een buslading
mensen komen, en die hebben wij helaas niet tot onze
beschikking. Daardoor hebben we de Wet Stage ook voor
het grootste deel gelaten voor wat het was. Verder
hebben we de W:O:A Metal Battle die op het podium van
het Wet Stage werdt uitgevochten compleet gemist, de
winnaar as overigens het uit Spanje afkomstige Crysys.

Afsluiting:
Hoogtepunten voor ons waren onder meer de
optredens van en Heaven & Hell, Volbeat, Nevermore,
Testament, Saxon en Doro en vooral de circle pits
tijdens het uitstekende optreden van Machine Head waren
iets om niet snel te vergeten. Net als voorgaande
edities is tijdens het hele festival een overkill aan
bands en kunnen we het dan ook allemaal niet meer zo
goed bijbenen. Als fotograaf ren je van podium naar
podium, maar ook om een redelijke review te schrijven
moet je erg fit zijn. Mede door de grote drukte is het
bijna onmogelijk om nog ergens op tijd aanwezig te zijn
want als je pech hebt kom je in een grote mensenmassa
terecht waar je de eerste minuten niet meer uit geraakt.
Iedereen zal dan ook wel begrijpen dat we keuzes hebben
moeten maken en ook bands hebben moeten overslaan om
alles een beetje bij te kunnen houden. Na drie dagen
drank, zon, regen en veel te veel bands waren we weer
totaal afgemat maar eenmaal thuis is dit snel vergeten.
Verder ook nieuw dit jaar was het
Middeleeuwse dorp met een uitgebreide markt en een eigen
podium, de band die hier speelde hebben we helaas moeten
missen. Hier vlakbij was ook de overbodige Bullhead City
Wrestling tent gelegen. Wat betreft deze Wrestling tent
en de uitreiking van de Metal Hammer Awards op de
donderdagavond, dit zijn dingen die volgens mij niet op
een festival als Wacken thuis horen, het is overbodig en
niet interessant voor de Wacken fans.
Ook dit jaar kan de organisatie van
Wacken terugkijken op een zeer geslaagd festival, De
sfeer was weer geweldig en de meeste bands waren gewoon
aanwezig om het publiek te vermaken, De keuze aan
eetgelegenheden op Wacken is echter ieder jaar weer een
groot pluspunt, de variatie is enorm zo zijn er flinke
vlees spiezen verkrijgbaar, maar ook pannenkoeken,
pizza’s, hotdogs, vislekkernijen en diverse andere
broodjes. (maar de prijzen waren dit jaar ook wel weer
behoorlijk hoog). Verder was het weer redelijk te
noemen, zo hadden we dan ook uiteindelijk een paar
lekkere dagen ondanks de harde wind en enkele stevige
buien de eerste dag, zoals de quote van Wacken is: Rain
or Shine.
Wat betreft de volgende editie, hopelijk
stijgen alle prijzen, van tickets en eten en drank, nu
niet meer zo hard zodat we waarschijnlijk volgend jaar
ook weer van de partij zijn. In ieder geval zijn de
speciale X-mas tickets in record tijd van 10 uur
helemaal uitverkocht. Volgens de Wacken site was tijdens
de twintigste editie het allerbeste publiek aanwezig, de
beste bands en shows, een heerlijke zon, geen
verkeersproblemen en deden er zich geen grote problemen
voor Veel beter kan het niet worden. (Talitha, Martina,
Eugene, Kick, Majelle, Anton, Jaco)
De
eerste namen voor Wacken 2010 zijn Immortal en
Corvus Corax met een speciale show.
Faster - Harder - Louder - see you in
Wacken 2010 - Rain or Shine.

Voor meer bandfoto's
zie het
fotogedeelte van deze website!!! |